Category Archives: salderen

Salderingsregeling voor zonnepanelen verlengd tot 2023

Salderingsregeling voor zonnepanelen verlengd tot 2023, daarna stapsgewijze afbouw tot 2031

Minister Wiebes meldt dat de salderingsregeling voor zonnepanelen in zijn huidige vorm verlengd wordt tot 2023. Vanaf dat jaar wordt het salderen tot 2031 stapsgewijs afgebouwd.
Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat meldde de Tweede Kamer afgelopen januari nog dat de salderingsregeling gehandhaafd zou blijven tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum zou een nieuwe regeling – de terugleversubsidie – van start moeten gaan. Afgelopen januari meldde de minister echter dat diverse partijen hem hadden gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie. Zo noemde Eneco de terugleversubsidie een administratieve draak en trok het energiebedrijf haar steun voor de terugleversubsidie in. Met de keuze van minister Wiebes om de salderingsregeling te handhaven, is de invoering van de terugleversubsidie definitief van de baan.

Stapsgewijze afbouw salderingsregeling

De stapsgewijze afbouw van de salderingsregeling zorgt ervoor dat zonnepaneeleigenaren vanaf 2023 de opgewekte zonnestroom die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet niet meer voor 100 procent mogen verrekenen met de aangekochte elektriciteit. Waar dit nu nog wel het geval is, wordt de vergoeding voor de teruggeleverde zonnestroom vanaf 2023 opgesplitst in een vergoeding voor de elektriciteit die betaald wordt door het energiebedrijf én anderzijds een vergoeding van de overheid voor de energiebelasting. De overheid zal vanaf 2023 een steeds kleiner deel van de energiebelasting terugbetalen aan zonnepaneeleigenaren. De afbouw van de salderingsregeling geldt dus uitsluitend voor elektriciteit die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd en dus niet op het directe eigen verbruik achter de meter.

Minister Wiebes schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer hierover het volgende: ‘Vanaf 1 januari 2023 wordt de salderingsregeling stapsgewijs afgebouwd, waarbij de hoogte van het fiscale voordeel geleidelijk afneemt tot nul in 2031. … De verwachte kostprijsdalingen van zonnepanelen richting 2030 maken investeren in zonnepanelen ook zonder subsidie via de salderingsregeling voldoende financieel aantrekkelijk. Op de lange termijn zullen naar huidige verwachting de inkomsten uit de vermeden inkoop van elektriciteit door het direct eigen verbruik en de terugleververgoeding van de leverancier voldoende zijn om zonnepanelen voor kleinverbruikers rendabel te laten zijn.’

Tom van der Lee: ‘Uitwerking met interesse bekijken’
GroenLinks-Kamerlid Tom van der Lee reageert positief op het besluit van de minister: ‘Ik heb tijdens debatten er meerdere malen op aangedrongen dat de salderingsregeling blijft voortbestaan, in ieder geval tot 2023. Het voortbestaan van de salderingsregeling zorgt voor zekerheid en dus meer zonnepanelen. De uitwerking van het plan zal ik met interesse bekijken.’
Belastingdienst krijgt belangrijke verantwoordelijkheid
Uit een eerste appreciatie van de Belastingdienst blijkt volgens minister Wiebes dat de afbouw van salderen waarschijnlijk uitvoerbaar is voor de Belastingdienst, mits alle kleinverbruikers beschikken over meters met een dubbel telwerk: één voor afname van elektriciteit van het elektriciteitsnet en één voor terugleveren op het elektriciteitsnet. ‘Voor het correct doen van aangifte voor de energiebelasting door energieleveranciers is het namelijk noodzakelijk dat zowel de levering als de teruglevering afzonderlijk bekend is bij de energieleverancier. Formele uitspraken over de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst verlopen via een uitvoeringstoets. Dit traject vindt in beginsel plaats in de fase dat de wetgeving in concept gereed is en duurt 8 weken. De energieleveranciers hebben al aangegeven de afbouw van salderen goed te kunnen uitvoeren.’

De netbeheerders hebben daarnaast volgens de minister aangegeven dat het mogelijk is om voor 1 januari 2023 iedereen te voorzien van een geschikte meter. Op dat moment kan de afbouw van de salderingsregeling starten. Om te zorgen dat iedereen vanaf 2023 daadwerkelijk een geschikte meter heeft, wordt het vanaf 1 januari 2023 verplicht een meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering te hebben. Deze verplichting zal uiterlijk 1 januari 2021 in wetgeving worden opgenomen, zodat deze meters tijdig – uiterlijk 1 januari 2023 – uitgerold kunnen zijn. Wiebes hierover: ‘Alle kleinverbruikers die nog geen meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering hebben, krijgen deze vóór 2023 aangeboden door de netbeheerder. Door geen slimme meter te vereisen, maar mensen ook de gelegenheid te bieden om een meter die niet op afstand uitgelezen wordt te nemen, wordt tegemoet gekomen aan hen die zich zorgen maken over de privacy-aspecten van een slimme meter.’

Afbouwpad eind 2019 bekend

De komende maanden zal het kabinet de vormgeving van de salderingsregeling vanaf 2023 verder uitwerken. ‘Het exacte afbouwpad zal eind 2019 worden vastgesteld, zodat ook de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019) kunnen worden meegenomen’, aldus minister Wiebes. ‘Het uitgangspunt is dat het afbouwpad resulteert in hetzelfde totale budget tot en met 2030 ten opzichte van het beschikbare budget voor de oorspronkelijk beoogde subsidieregeling uit het regeerakkoord. Over de gehele periode tot en met 2030 blijft dus hetzelfde budget voor de stimulering van hernieuwbare elektriciteit bij kleinverbruikers beschikbaar. Dit is in totaal circa 2,6 miljard euro.’
Voor huishoudens die al zonnepanelen hebben of deze kabinetsperiode nog investeren in zonnepanelen, is de verwachting dat bij de geleidelijke afbouw van de salderingsregeling een gemiddelde terugverdientijd van circa 7 jaar gehandhaafd blijft. ‘Deze verwachting is gebaseerd op de huidige inzichten, onder andere ten aanzien van de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs’, schrijft minister Wiebes in zijn Kamerbrief. ‘Voor investeringen in zonnepanelen die na deze kabinetsperiode worden gedaan, is de verwachting op basis van de huidige inzichten, dat de terugverdientijd iets kan oplopen boven de 7 jaar. Uit de evaluatie van de salderingsregeling uit 2016 is onder andere gebleken dat men bereid is te investeren in zonnepanelen als de terugverdientijd tussen circa 5 en 9 jaar is. Bovenstaande verwachting wordt geactualiseerd met de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019).’

Door Edwin van Gastel, Marco de Jonge Baas

Salderingsregeling in 2020 vervangen door terugleversubsidie

Minister Wiebes: salderingsregeling zonnepanelen vervangen door terugleversubsidie, terugverdientijd blijft 7 jaar!

Minister Wiebes heeft de Tweede Kamer per brief geïnformeerd dat de salderingsregeling voor zonnepanelen vervangen wordt door een terugleversubsidie en de terugverdientijd blijft daarbij circa 7 jaar.

De terugleversubsidie is een vergoeding voor de stroom die aan het elektriciteitsnet is teruggeleverd. De opgewekte stroom zelf verbruiken blijft aantrekkelijk, omdat huishoudens en bedrijven hierover ook na 2020 geen energiebelasting en geen Opslag Duurzame Energie (ODE) betalen. In 2020 vervangt de regeling de huidige salderingsregeling, waarbij jaarlijks van tevoren een subsidieplafond wordt vastgesteld. Voor gebruikers van de salderingsregeling komt er een soepele overgang. Zou Wiebes de salderingsregeling niet vervangen, dan zou de terugverdientijd volgens de minister voor zonnepanelen in 2025 gedaald naar 4 jaar zijn gedaald en zou er daarmee overstimulering optreden.
Windenergie, postcoderoosregeling en grote gebouwen
De nieuwe regeling richt zich behalve op de stimulering van zonne-energie, ook op andere hernieuwbare energiebronnen zoals windenergie. Wiebes onderzoekt of ook grotere gebouwen – zoals scholen of kantoren – in de regeling kunnen worden opgenomen. Deze gebouwen verschillen in de omvang van hun opweksystemen, maar ook in hun energie-verbruikstarieven. De minister kijkt hoe de regeling deze groep goed kan bedienen zonder dat de regeling te ingewikkeld wordt. Verder onderzoekt hij of de Postcoderoosregeling voor ondersteuning van energiecoöperaties kan overgaan in een terugleversubsidie.

Details van regeling deze zomer bekend

Omdat de terugleversubsidie is bedoeld om opwekkers van duurzame energie optimaal te faciliteren, komt er 1 loket bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) waar huishoudens en bedrijven de terugleversubsidie kunnen aanvragen. Hoe de hoeveelheid teruggeleverde stroom gemeten wordt, en welke rol de slimme meter hierin heeft, wordt nog bekeken. De minister wil het voorstel voor de nieuwe terugleversubsidie deze zomer gereed hebben.
Uitgangspunten terugleversubsidie
In zijn kamerbrief heeft Wiebes in grote lijnen weergegeven hoe hij de terugleversubsidie wil vormgegeven:
De nieuwe subsidieregeling start in 2020 en zal jaarlijks worden opengesteld voor nieuwe aanvragen zolang de terugverdientijd voor zonnepanelen zonder stimulering nog ruim boven de 7 jaar ligt.
De subsidieregeling staat open voor burgers en bedrijven met een kleinverbruikersaansluiting die zelf geproduceerde hernieuwbare elektriciteit invoeden op het elektriciteitsnet. De regeling geldt dus ook voor andere hernieuwbare energiebronnen dan zonne-energie, bijvoorbeeld windenergie.
De terugleversubsidie geldt vanaf 2020 ook voor burgers en bedrijven die al geïnvesteerd hebben in zonnepanelen en nu gebruikmaken van de salderingsregeling. Voor deze groep kan een soepele overgang worden vormgegeven.
De terugleversubsidie geldt uitsluitend voor de op het elektriciteitsnet ingevoede hernieuwbare elektriciteit en dus niet op het directe eigen verbruik achter de aansluiting. Over de zelf opgewekte hernieuwbare elektriciteit die burgers en bedrijven zelf direct verbruiken of opslaan achter de aansluiting, betalen kleinverbruikers ook na 2020 geen energiebelasting en ODE.
Bij het vaststellen van de hoogte van de subsidie ga ik uit van een terugverdientijd van gemiddeld circa 7 jaar voor een representatieve referentiecasus en de meest kostenefficiënte zonnepanelen die op de markt verkrijgbaar zijn. Het kabinet stelt de hoogte van de subsidie vast na consultatie met de markt.
Jaarlijks wordt van tevoren een subsidieplafond vastgesteld en van dekking voorzien binnen de begroting van het ministerie van Economische Zaken & Klimaat. Hierbij wil het kabinet de regeling kosteneffectief inrichten om overstimulering te voorkomen.
Uitgangspunt voor de uitvoering van de terugleversubsidie is om consumenten optimaal te faciliteren. Dat betekent dat er 1 loket komt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (hierna: RVO) waar kleinverbruikers een beschikking voor een terugleversubsidie kunnen aanvragen. De uitbetaling van de terugleversubsidie vindt plaats door de energieleveranciers via de energienota om de verrekening zo eenvoudig mogelijk te maken voor consumenten.

Wiebes: 6 gigawattpiek in 2030 via huishoudens

Wiebes schrijft in de kamerbrief te verwachten dat er naar verwachting in 2030 meer dan 6 gigawattpiek aan zonnepanelen bij huishoudens zal worden gerealiseerd. Dat betekent dat volgens de minister te zijner tijd zo’n 1,5 tot 2 miljoen huishoudens zelf elektriciteit opwekken met behulp van zonnepanelen.

3 redenen voor keuze van terugleversubsidie

Wiebes meldt dat er 3 overwegingen zijn waarom hij de voorkeur geeft aan een terugleversubsidie boven een investeringssubsidie:
De terugleversubsidie geeft de beste stimulans om te zorgen dat de zonnepanelen optimaal (blijven) produceren.
In tegenstelling tot een investeringssubsidie kan bij een terugleversubsidie een soepele overgang worden vormgegeven voor burgers en bedrijven die al geïnvesteerd hebben in zonnepanelen. De investeringskosten voor zonnepanelen waren in het verleden aanzienlijk hoger dan nu. Daardoor zijn sommige bestaande productie-installaties nog niet terugverdiend.
Uit gesprekken met partijen en 2 brede stakeholdersbijeenkomsten blijkt dat de terugleversubsidie het grootste draagvlak geniet bij de betrokken partijen waaronder de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE), Holland Solar, de Consumentenbond en Vereniging Eigen Huis onder andere omdat deze variant zorgt voor een geleidelijke overgang vanuit salderen en de vermeende nadelige effecten van een investeringssubsidie op de markt zoals stop-en-go-effecten beter kunnen worden voorkomen.
In de zomer zal minister Wiebus de Tweede Kamer infomeren over de nadere vormgeving van de terugleversubsidie en welke wetswijzigingen nodig zijn om de terugleversubsidie in 2020 in te voeren.

Dure regeling zonnepanelen gaat op de schop. Wat nu?

Zonne-energie Het kabinet wil de regeling die consumenten aan de zonnepanelen moet brengen, afschaffen. Tegenstanders zeggen dat de verdere groei van zonnestroom zo wordt geremd. Of is er een voordeliger alternatief? door Hester van Santen NRC.nl

Nederland kleurt glanzend zwart, zwart van zonnepanelen. Net voor nieuwjaar kwamen de nieuwste, optimistische cijfers binnen over zonnepanelen. In 2017 produceerden ze 40 procent meer stroom dan het jaar ervoor. Dat was meer dan was voorspeld.

Bijna een half miljoen huishoudens heeft al panelen op het dak, volgens een grove schatting, en dat is niet louter uit milieubewustzijn. Zonnepanelen brengen geld op. Door de dalende kosten van de panelen en de subsidie op de opgewekte stroom, verdienen kopers hun investering inmiddels in zes of zeven jaar terug. „Het blijft niet meer beperkt tot de groene voorhoede”, zegt directeur Marjan Minnesma van klimaatorganisatie Urgenda, „de middenmoot van de samenleving is inmiddels met zonnepanelen begonnen.”

Het is precies wat het kabinet wil – méér duurzame energie. De potentie van zonne-energie is groot. Op daken in dorpen en steden kan een kwart tot de helft van alle elektriciteit opgewekt worden die in Nederland nodig is, schatten onderzoekers. Op scholen, ziekenhuizen, kantoren, maar vooral: op woningen. De helft van álle stroom, zonder dat er plek voor vrijgemaakt moet worden.

Toch remt datzelfde kabinet nu de verdere uitbreiding van zonne-energie. De populaire ‘salderingsregeling’, waarmee de overheid de zonnestroom die huishoudens opwekken subsidieert, verdwijnt. En niet in 2023, zoals de vorige minister van Economische Zaken Henk Kamp (VVD) in de zomer nog aankondigde, maar al in 2020. Er komt een nieuwe regeling, beloofde Kamps opvolger minister Eric Wiebes (Economische Zaken & Klimaat, VVD) de Tweede Kamer, die de overheid minder geld kost maar „net zo aantrekkelijk” is. Die geeft „bestaande gevallen” nog altijd een terugverdientijd van zeven jaar, zei hij.

Zonne-ondernemers, de installatiebranche en milieu-activisten vinden het een slecht idee. Twintig organisaties stuurden het kabinet in december een ‘open brief’. Zij denken dat het kabinetsplan burgers de lust ontneemt om nog te investeren in zonnepanelen op eigen dak. „Hun vertrouwen wordt nu beschaamd”, zegt directeur Marjan Minnesma van de stichting Urgenda, een van de ondertekenaars van de brief.

Maar niet de hele duurzame beweging keert zich tegen het afschaffen van de salderingsregeling. „Als je de huidige regeling handhaaft, wordt het uiteindelijk zo duur, dat is niet houdbaar”, zegt Marc Londo van de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE). Samen met branchevereniging Holland Solar bedacht het een goedkoper alternatief voor het salderen.

Uiteindelijk willen al die organisaties hetzelfde: panelen op élk dak, van goot tot schoorsteen. En dat terwijl het ook nog betaalbaar blijft – voor burgers én voor de overheid. Maar nu zonne-energie serieus is geworden, blijkt: die – drie – doelen kunnen we niet allemaal tegelijk verwezenlijken.

Panelen op elk huis
De zonnepanelenhausse begon in 2011. De aanschafprijs van panelen daalde flink, de terugverdientijd zakte onder de tien jaar, en particulieren gingen massaal aan de zonne-energie. In zeven jaar steeg de productie van zonne-energie van bijna niks naar ruim 2 miljard kilowattuur.

Toch is dat nog geen 2 procent van het Nederlandse elektriciteitsverbruik – minder dan wat één centrale opwekt. Er kan nog veel meer bij. Hoe? Op eigen dak, om te beginnen.

Maar de suggestie dat het salderen in 2020 verdwijnt „zorgt voor stagnatie in de verkoop van zonnepanelen”, schreven de twintig organisaties die protesteerden tegen de afschaffing. „Ik weet niet meer wat ik de klanten moet adviseren”, zegt directeur Marcel Kiekebos van Kiekebos Installatietechniek in Assen.

Energie-instituut ECN voorziet dat door het versoberen van de salderingsregeling het aantal particulieren dat voor zonnepanelen kiest met 20 procent zal dalen. Tot 2030 zullen zo’n 400.000 huishoudens de boot afhouden vanwege de kosten, of koudwatervrees.

Van alle klimaatplannen uit het regeerakkoord is het versoberen van de salderingsregeling het enige waardoor de CO2-uitstoot juist toeneemt.

Het moet betaalbaar blijven
Een Nederlandse particulier mag elke kilowattuur die zijn zonnepanelen opwekken, wegstrepen op de jaarlijkse elektriciteitsrekening. Zo werkt de salderingsregeling. Een kilowattuur stroom kost voor een huishouden ongeveer 20 cent. 14 cent daarvan is belasting. Salderen is daarmee in feite een belastingkorting voor panelenbezitters. De regeling stamt uit 2004, lang voordat de aanschaf van zonnepanelen een serieuze ontwikkeling werd.

Volgens minister Wiebes is de salderingsregeling inmiddels te duur. De overheid gaf er in 2015 zo’n 80 miljoen euro aan uit. Als de subsidies gelijk opgaan met de groei van zonne-energie is het inmiddels al bijna het dubbele (zeg 150 miljoen euro) en dat wordt almaar meer.

Dat is maar een klein deel van de miljardensubsidies voor groene energie. Maar voor wat het aan CO2-besparing oplevert is het veel, schreef adviesbureau PwC eind 2016 in een evaluatie. Salderen hielp de zonnebranche op weg, en meer burgers zijn erdoor met duurzame energie bezig, concludeerde PwC. Maar salderen is wel een „relatief dure regeling”, vergeleken met bijvoorbeeld het subsidiëren van windparken. „Het heeft een tijdje gewerkt maar het loopt nu tegen zijn eigen grenzen aan”, zei Wiebes.

De minister komt komende zomer met een alternatief, kondigde hij aan.

Eén optie is een premie op de aanschaf van zonnepanelen. „Maar het ministerie heeft volgens mij een lichte voorkeur voor een ‘terugleversubsidie’”, zegt Marc Londo van de Nederlandse Vereniging voor Duurzame Energie (NVDE). Bij een terugleversubsidie krijgt de burger een vast bedrag per kilowattuur die hij aan het net levert – bijvoorbeeld 12 cent.

Als de kosten van panelen in de toekomst dalen, kan de subsidie worden teruggeschroefd zodat de terugverdientijd op, zeg, zeven jaar blijft. Wiebes zei immers dat de regeling „even aantrekkelijk” moest blijven.

De alternatieve regelingen leveren de overheid een besparing op van 60 procent, berekende energie-instituut ECN – bijna 5 miljard euro tot 2030.

Álle daken moeten vol
Bedek uw dak niet helemaal met zonnepanelen! Dat is het advies van de Consumentenbond. De reden: de huidige salderingsregeling. Wie aan het eind van het jaar meer stroom heeft opgewekt dan hij zelf gebruikt, krijgt over die extra stroom geen subsidie. Er valt immers niks meer weg te strepen op de energierekening. Voor de overproductie krijgt de particulier alleen een „redelijke vergoeding”, gemiddeld zo’n 6 cent per kWh. De verschillen tussen leveranciers zijn groot, maar hoe dan ook zijn de extra panelen veel minder rendabel. Dus niemand legt zijn dak vol.

De terugleversubsidie en de panelenpremie kennen dat bezwaar niet, en daarmee komt het derde doel dichterbij. Maar álle daken vol leggen met panelen – inclusief flats, huurhuizen, scholen, kantoren – dat wordt de grote klus van de komende twaalf jaar. Hoe dat moet, is de grote vraag. „Zorg dat je als burger overal stroom kan opwekken”, oppert directeur Lars Falch van energieleverancier Powerpeers. „Dan kunnen je panelen overal in Nederland liggen, ook als je bij de 70 procent hoort die geen geschikt dak heeft. Je legt je panelen op het dak van een flat, of bij een boer op een stal.” Zijn bedrijf ontwikkelde software waarmee de opbrengst aan individuele huishoudens toegeschreven zou kunnen worden, net als op eigen dak.

„Charmant plan”, reageert directeur Frans Rooijers van onderzoeksbureau CE Delft. „Daarmee vergroot je burgerparticipatie.” Alleen, zegt Rooijers: „Ik denk dat het voor de overheid duurder is dan een andere subsidievorm.” Er bestaan al twee subsidieregelingen. Grootverbruikers, en landeigenaren die een zonnepark willen beginnen, kunnen gebruikmaken van de subsidie voor duurzame energie SDE+. Voor de overheid is dat een voordeligere regeling dan salderen. Daarnaast is er nog de ‘postcoderoosregeling’, waarmee burgers gezamenlijk kunnen investeren in panelen op een dak bij hen in de buurt.

Iedereen moet grond inleveren voor zonnepanelen om klimaatdoelen te halen, vindt Henk Bleker, oud-staatssecretaris voor Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. Oók de boeren. Lees ook: Bouw zonneparken ook op landbouwgrond
Of die regelingen optimaal werken, is niet goed bekend. Er loopt nu een onderzoek bij ECN. Marc Londo: „We weten nog niet goed wat de grootste knelpunten zijn voor een school of kantoor om te beginnen met zonnepanelen.” Via de postcoderoosregeling kunnen ouders nu al investeren in panelen op de school van hun kinderen, alsof het hun eigen panelen zijn. Toch gebeurt dat nog zelden. „Een school is vooral bezig met lesgeven.”

Kamp over opvolger salderingsregeling

Kamp over opvolger salderingsregeling: ‘Subsidie op teruglevering zonnestroom of investeringssubsidie’

 

 

Minister Kamp heeft de Tweede Kamer een brief gestuurd met informatie over de toekomst van salderen. Hij stelt als opvolger vanaf 2023 een subsidie op teruglevering van zonnestroom of een investeringssubsidie voor.

Zoals bekend werd half december de motie van Jan Vos (PvdA) en Liesbeth Van Tongeren (GroenLinks) aangenomen om de salderingsregeling te continueren of te verbeteren tot en met het jaar 2023. Minister Kamp stuurde in navolging hiervan de Tweede Kamer afgelopen januari het evaluatierapport ‘De historische impact van salderen’ toe. Naar aanleiding van het door PwC gemaakte rapport meldde de minister in het voorjaar het kabinetsbesluit over de toekomst van salderen te willen nemen. ECN startte als onderdeel hiervan afgelopen maart in opdracht van Kamp een onderzoek naar wat mensen momenteel motiveert of hindert bij het aanschaffen van zonnepanelen. De resultaten heeft Kamp nu naar de Tweede Kamer gestuurd; begeleid met zijn advies aangaande de salderingsregeling.

In de brief pleit minister Kamp ervoor om zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over de manier waarop bij particulieren de aanleg van zonnepanelen ook in de toekomst kan worden gestimuleerd. Kamp geeft daarbij een voorzet voor 2 varianten: een subsidie op de teruglevering van zonnestroom en een investeringssubsidie. Bij de terugleversubsidie zou de salderingsregeling geheel afgeschaft en vervangen worden door een subsidie per opgewekte kilowattuur zonnestroom. Over de elektriciteit die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet ontvangt de zonnepaneleneigenaar een subsidie van de overheid bovenop de vergoeding die de zonnepaneleneigenaar van zijn leverancier ontvangt. Bij de investeringssubsidie zou de salderingsregeling geheel afgeschaft en vervangen worden door een eenmalige subsidie op het moment van de aanschaf van zonnepanelen. Kamp benadrukt in zijn brief dat de terugleversubsidie kan rekenen op de steun van verschillende marktpartijen terwijl investeringssubsidie met name kan rekenen op steun vanuit de bedrijven die energieopslagsystemen aanbieden.

Hoe dan ook is de uitrol van de slimme meter volgens Kamp noodzaak. Hij schrijft: ‘Voor de uitvoerbaarheid van alle onderzochte hervormingsvarianten is het noodzakelijk dat de kleinverbruiker over een meter beschikt die aan het net teruggeleverde en van het net afgenomen elektriciteit afzonderlijk kan meten. Daarom ligt een overgang naar een hervormingsvariant pas voor de hand op het moment dat een digitale meter grootschalig aanwezig is. Naar verwachting beschikt op 1 januari 2020 minimaal 80 procent van de huishoudens over een slimme meter.’

De keuze welke van de 2 voorkeursvarianten het wordt, wil de minister aan het nieuwe kabinet overlaten. Hij schrijft ten slotte: ‘De komende tijd werk ik de opties voor een nieuwe regeling en de daarbij horende overgangsregeling verder uit. Parallel daaraan zal ik inzetten op verdere aanbieding van slimme meters in de periode tot 2023. Het tijdelijk voortzetten van de salderingsregeling in afwachting van de verdere uitrol van de slimme meter zou gedurende de periode van het Energieakkoord investeringszekerheid bieden, in lijn met de motie Jan Vos en Van Tongeren. Ook leidt deze tijdelijke verlenging niet tot congestieproblemen in het elektriciteitsnet.’

Inwoners Zeeland aan de slag met energiebesparing

 Particuliere woningvoorraad aan de slag met energiebesparing08-02-2017

Zo’n 25 Zeeuwse partijen ondertekenen op vandaag het Zeeuws Energieakkoord voor energiebesparing in de bestaande particuliere woningvoorraad. Met het akkoord geven de betrokken partijen aan dat ze samen werk willen maken van energiebesparing en renovatie in de particuliere woningbouw in Zeeland.

De afgelopen jaren hebben alle betrokken partijen afzonderlijk geprobeerd om de particuliere woningmarkt in beweging te krijgen, met wisselend succes. Tot nog toe is het energieverbruik van Zeeuwse huishoudens ieder jaar iets opgelopen, maar in 2015 was er voor het eerst een lichte daling zichtbaar. In het landelijk Energieakkoord is vastgelegd dat alle huizen uiterlijk in 2050 energieneutraal moeten zijn. Het Zeeuws Energieakkoord wil door intensief samen te werken dat doel 5 jaar vroeger realiseren. Dat betekent echter dat er snel beweging moet komen: het is aan de woningeigenaren om zelf actie te nemen; de ondertekenaars van het Zeeuws Energieakkoord willen de woningeigenaren hierbij ondersteunen.

In Zeeland is er tot nog toe een beperkt aantal bestaande woningen energieneutraal gemaakt. Dit betekent dat de woning een extra jas heeft gekregen, dat de woning zelf energie opwekt middels zonnepanelen, doorgaans de gasaansluiting is verwijderd en een warmtepomp voor verwarming en koeling zorgt.

De initiatiefnemers van het Zeeuws Energieakkoord willen de woningeigenaren bewust maken, adviseren en ontzorgen door een overzichtelijk aanbod te maken voor het energieneutraal maken van de woning. Ze benutten elkaars expertise en netwerk en dragen één boodschap uit naar de woningeigenaren, zodat het makkelijker wordt om die keuze te maken die het beste bij hun wensen aansluit. Het gaat namelijk niet enkel om energie, maar ook om wooncomfort en de betaalbaarheid van energie. Naast het commitment dat de initiatiefnemers als organisatie/bedrijf hebben uitgesproken, zijn er gezamenlijke acties afgesproken, die in 2017 worden opgezet en uitgevoerd:

  • 1. Voorbeeldproject energieneutrale woning(en) in meerdere gemeenten en realisatie van
  • proeftuin(en)
  • 2. Ontwikkelen gezamenlijke boodschap naar particulieren
  • 3. Ontwikkeling menukaart voor te nemen maatregelen voor woningverbetering en het leveren
  • maatwerkadvies via adviseurs, zowel technisch als financieel
  • 4. Bewustwordingsactiviteiten:
  • a. Wedstrijd energiebesparing bewonersgroepen (wijken/dorpen)
  • b. Energiemarkt per gemeente
  • c. Excursies naar energieneutrale woningen
  • 5. Doorontwikkeling Zeeuws Energieakkoord en verbreding bestuurlijke borging.
  • Het akkoord wordt ondertekend door o.a. de volgende partijen:
  • – De dertien Zeeuwse gemeenten
  • – Provincie Zeeland
  • – Bouwend Zeeland
  • – Delta
  • – Enduris
  • – Hogeschool Zeeland
  • – vertegenwoordigers van Zeeuwse dorpen
  • – Economische Impuls Zeeland

Bron: www.impulszeeland.nl

De miljarden voor duurzame energie en het draagvlak bij de burger

De Nederlandse zonnepanelenmarkt groeit nu al vijf jaar stevig door. Voor 80 procent is deze groei gebaseerd op het ‘salderen’.
(Column | Peter Desmet | Solarclarity)
Al in 2013 gaf Minister Kamp aan deze regeling in 2017 te willen evalueren om hem in 2020, indien nodig, aan te kunnen passen middels een “nette overgangsregeling”. Begin Oktober echter gaf Minister Kamp aan het salderen nog dit jaar te willen evalueren. Hij kreeg bijval van Netbeheer Nederland voor een aanpassing van deze wetgeving. Het argument dat ze beiden aanvoeren om het salderen ter discussie te stellen is, hoe kan het ook anders: de kosten.
Echter, niemand weet hoeveel salderen de overheid exact kost. Het wordt immers niet gemeten. Welingelichte schattingen over de gederfde Energie Belasting blijven onder de 50 miljoen Euro steken. Netbeheer Nederland voegt daaraan toe dat zij kosten moeten maken om het net geschikt te houden voor al die terug geleverde stroom. Ze hebben vast een punt, maar specifiëren niet hoeveel die kosten zijn. Bovendien brengen ze een punt aan waar ik me al tijden aan stoor omdat ik het niet alleen bij Netbeheer Nederland maar nog steeds van links tot rechts in de politiek tegenkom: de claim dat mensen zonder zonnepanelen de kosten zouden moeten opbrengen voor mensen met zonnepanelen.
Het is waar dat Salderen energiebelastingderving tot gevolg heeft en het veranderende gedrag van mensen met een elektriciteitsaansluiting – iedereen dus – kosten met zich mee zal brengen. Het is echter niet juist dat daar alleen een bevoorrechte groep baat van zou hebben. Salderen is mogelijk voor werkelijk alle kleinverbruikers: mensen met een eigen huis; bewoners van een huurwoning; mensen met een eigen dak voor zonnepanelen; mensen zonder eigen dak voor zonnepanelen (via de zogeheten ‘postcoderoosregeling’, een variant op salderen); privé personen; scholen; sportclubs; ZZP’ers en MKB ondernemers. Laten we zeggen: voor iedereen. Behalve voor grote bedrijven, de grootverbruikers.
En dat is waar voor mij het schoentje het meest knelt. Salderen kost de overheid zo’n kleine 50 miljoen Euro per jaar. Veel geld daar niet van, maar vergeleken met de miljarden die via de SDE+-regeling naar grote bedrijven gaan, past het in mijn spreekwoordelijke holle kies.
De Nederlandse overheid geeft sinds 2012 via de SDE+-subsidie miljarden uit aan hernieuwbare energiebronnen bij grootverbruikers. Deze wordt gefinancierd door de Opslag Duurzame Energie die voornamelijk bij kleinverbruikers wordt geheven en deze miljarden staan niet ter discussie. U en ik brengen zo de 3,8 miljard Euro op die bijvoorbeeld de grote elektriciteitsbedrijven via biomassa in hun elektriciteitscentrales mogen opbranden. Geen enkel bezwaar tegen deze meest letterlijke vorm van geldverbranding, maar 50 miljoen euro voor zonnepaneeltjes bij u en mij: o jee! U en ik brengen zo de 2,3 miljard euro op die naar het Deense DONG Energy vloeien voor het windmolenpark voor de kust van Zeeland. Geen enkel bezwaar dat dit door de Nederlandse belastingbetaler bijeengebrachte geld zo naar een buitenlandse bedrijf vloeit, maar 50 miljoen voor zonnepaneeltjes bij u en mij: o jee!
Salderen is op dit moment de enige manier waarop een Nederlandse burger laagdrempelig en met een financieel voordeel kan meedoen aan de energietransitie. Haalt Kamp dit voordeel weg, dan wordt het inderdaad zo dat het financiële voordeel van duurzame energie uitsluitend bij een bevoorrechte groep terecht komt: grote, vaak buitenlandse bedrijven. De kosten daarentegen belanden geheel bij u en ik, de burgers, de kleinverbruikers.
Saldering is dan ook geen kostenpost. Het is een verzekering voor draagvlak onder de bevolking voor de energietransitie. Het is geld dat van burgers direct wordt herverdeeld onder burgers, scholen, sportkantines, het lokale MKB, enzovoorts. Het is een smeermiddel voor het grote veranderingsproject dat de energietransitie is. Waarin nieuwe duurzame energie niet alleen een Deens windmolenpark voor onze kust is, of Canadese bossen die in onze elektriciteitscentrales worden opgefikt, maar iets dat we allemaal doen. Waarin niet alleen miljarden naar grote buitenlandse bedrijven gaan, maar ook 50 miljoen naar de Nederlandse burger.

Stichting Zonnestroom Ondernemers Nederland: “Zon voor iedereen”

Minister Kamp heeft de vaste commissie voor Economische Zaken een officiële reactie gestuurd naar aanleiding van het rapport ‘Zon voor iedereen’ van de stichting Zonnestroom Ondernemers Nederland (ZON).

Minister Kamp van Economische Zaken nam het rapport ‘Zon voor iedereen’ eind september in ontvangst. De vaste commissie voor Economische Zaken verzocht de minister te reageren op het door ZON opgestelde rapport.
Minister Kamp stelt in zijn brief aan de commissie het volgende: ‘De stichting Z.O.N. wil dat zonne-energie als volwassen technologie aan de energiemix deelneemt. In het rapport wordt de energietransitie beschreven als een majeur veranderingsproces waarbij een breed draagvlak onontbeerlijk is. De stichting Z.O.N. stelt dat dit vereist dat er mogelijkheden voor iedereen zijn om te participeren en wijst op onderzoek waaruit blijkt dat zonne-energie door burgers in Nederland als meest aantrekkelijke vorm van hernieuwbare energieopwekking en als ‘het meest dichtbij’ wordt ervaren. Voor zonne-energieopwekking wordt in het rapport binnen 7 jaar een groei van 5 PetaJoule (PJ) naar minstens 17 PJ voorzien, met saldering als cruciaal ‘smeermiddel’ voor de transitie. … de staatssecretaris van Financiën en ikzelf hebben besloten om de salderingsregeling nog dit jaar te evalueren. Dit mede gezien de verschillende signalen die ik heb gekregen over de groeiende investeringsonzekerheid met betrekking tot zonnepanelen als gevolg van onzekerheid over de toekomst van de salderingsregeling. Voor beantwoording van de vraag hoe de regeling na 2020 vorm te geven, bekijk ik de regeling in de bredere context van de stimulering van zonne-energie en de gewenste groei van decentrale hernieuwbare energieopwekking.’
Kamp stelt verder: ‘De auteurs bepleiten meer onderzoek naar batterijen op het niveau van woningen om opgewekte energie binnen een etmaal te gebruiken, alsook meer onderzoek naar seizoen overbruggende energieopslag op centraal niveau. Ik onderschrijf dat energieopslag van cruciaal belang is voor de energietransitie.’

Henk_Kamp_2011_(1)

Salderen na 2020

Heel veel redenen om niet bang te zijn voor een mogelijke slechtere salderingsregeling na 2020:

  1. Bent u in het bezit van een ferrarismeter? Wees er zuinig op. Deze meter bevat een terugdraaischijf en draait terug als er productie is van zonnepanelen.  Doordat de ferrarismeter terugdraait bij teruglevering is de vergoeding gelijk aan de stroomprijs voor levering. Bij de digitale meters wordt teruggeleverde elektriciteit separaat bijgehouden en zou voor teruggeleverde stroom een lagere prijs gerekend kunnen worden. 60 ferrarismeterIn het kader van de stimuleringsregeling duurzame energieproductie zijn er regelingen die moeten zorgen voor een “redelijke terugleververgoeding“. Salderen tussen afgenomen en teruggeleverde stroom behoort ook tot de mogelijkheden, en is in Nederland tot (minimaal) 2020 wettelijk verplicht.
  2. Als de salderingsregeling al zal worden aangepast dan is er nog ruim 4 jaar de tijd om van deze “gunstige” regeling gebruik te maken. Dan is de investering al zeker voor de helft terugverdiend. Vereniging Eigen Huis liet weten blij te zijn met de toezegging dat salderen tot 2020 mogelijk blijft. De belangenorganisatie voor huiseigenaren is een groot voorstander van de huidige salderingsregeling. Een overgangsregeling voor bezitters van zonnepanelen is ook goed nieuws, maar de VEH stelt het jammer te vinden dat er niet nu al een overgangsperiode van 10 jaar is aangekondigd.
  3. Wist u dat zeker 25% van de stroomproductie direct naar de elektrische apparaten toegaat? Dat betekent dat 75% van de opwekking terug geleverd gaat worden. Heeft u slechts minder panelen aangeschaft dan nodig zou zijn om de hele energiebehoefte te dekken dan is het aantal kw/u nog lager en dus nog minder nadelig.
  4. Zelf energie opslaan is de toekomst. Met accu’s wel te verstaan. Misschien zelfs de accu van uw toekomstige electrische auto. Tegen die tijd zijn er wellicht mogelijkheden om electriciteit goedkoop zelf op te slaan. Opslag_zonne_energie
  5. De Nederlandse overheid heeft als doel gesteld om in 2020 16% van onze totale energiebehoefte duurzaam op te wekken. We zitten nu op 3,9%, het is daarom van belang dat het aantrekkelijk blijft voor particulieren en bedrijven om in zonnepanelen te investeren. Begin 2014 zijn nieuwe maatregelen ingevoerd die zonnepanelen aantrekkelijker maken, zoals onbeperkt salderen en salderen op afstand.
  6. Waarom zal de regering de regeling niet afschaffen?
  • Hiervoor bestaan verschillende argumenten:
  • Nederland is in internationaal verband overeengekomen om zich aan de (bescheiden) klimaatdoelstellingen te houden. Momenteel zijn windenergie, bio-energie (biogas en biodiesel) en overige hernieuwbare energie lang niet voldoende De totale bijdrage duurzame energie op het totale energieverbruik is momenteel ongeveer 4%, terwijl de doelstelling voor 2020 16% is. Als de helft van alle huishoudens duurzame stroom zou gebruiken, levert dat 1,3 % verduurzaming op het totale energieverbruik. Alleen de groeiende bijdrage van PV op particuliere daken is dus lang niet genoeg maar wel hard nodig om in combinatie met andere middelen het doel te halen.
  • De relatief hoge energiebelasting voor kleingebruikers is in 1996 als een Regulerende Energie Belasting ingevoerd om energiebesparing en verduurzaming te stimuleren. Dat gebeurde budgetneutraal in ruil voor vermindering van de inkomstenbelasting Nu dit werkt en vele mensen volop in PV investeren zou het van onbehoorlijk bestuur getuigen als de saldering om fiscale reden weer werd afgeschaft.
  • In Nederland is maar één politieke stroming, die met financiële steun uit de fossiele energiebranche het klimaatprobleem ontkent, en tegen verduurzaming van de energievoorziening is. Het ziet er naar uit dat deze groep nooit regeringsverantwoordelijkheid zal krijgen. Als over enkele jaren meer dan een miljoen huishoudens salderen, zal het politieke draagvlak voor afschaffing niet groot zijn.
  • Het is vrij gemakkelijk om het fiscale gat te dichten met een verhoging van de energiebelasting voor grootverbruikers. Grootverbruikers gebruiken 75 miljard kWh en betalen slechts 1 cent per kWh energiebelasting, terwijl de consumenten bij elkaar ca 25 miljard kWh gebruiken en zo’n 15 cent belasting per kWh moet betalen.. Een verhoging naar 4 cent/kWh voor de grootverbruikers is voldoende om weer 2 miljard binnen te halen.
  • Dit is echter een politieke keus die het bedrijfsleven niet zal omarmen en dus voor de VVD niet acceptabel is. Een geleidelijke verhoging met 0,2 cent per jaar gedurende 20 jaar zou wellicht wel politiek haalbaar zijn en is voldoende om het verlies door het stijgend aantal particuliere PV installaties te compenseren .
  • Door hogere energiebelasting voor bedrijven ontstaat geen onontkoombare lastenverzwaring, maar een sterke stimulans voor investering in duurzame energie en in energiebesparing. Daarmee kan de lastenverzwaring gemakkelijk worden gecompenseerd. Dit draagt bij aan het halen van de klimaatdoelstelling maar ook aan meer werkgelegenheid. Uiteindelijk levert die toename van investeringen en werkgelegenheid meer inkomsten aan de staat dan de energiebelasting.
  • De balans tussen productie en gebruik is ook te bereiken door grotere internationale netwerken, betere afstemming van productie en verbruik, opslag in accu’s van elektrische voertuigen, groeiende bijdrage van windenergie en energiebesparingsmaatregelen.
  • Door de vijf oudste kolencentrales te sluiten (volgens het energieakkoord van 2013) en moderne gasgestookte centrales als back up te gebruiken, zullen de energieleveranciers toch al een geheel andere kostencalculatie krijgen. De grote energieleveranciers doen er beter aan te anticiperen op een energietransitie dan deze tegen te willen houden. In plaats van kolencentrales te bouwen zouden zij bijvoorbeeld kunnen investeren in systemen voor grootschalige energieopslag. Dan zou het billijk zijn om geld te vragen voor het gebruik van het net als energiebuffer.
  • 8 Uiteindelijk zal duurzame energie uit zon en wind goedkoper zijn dan elektrische energie uit centrales met fossiele brandstoffen. Nu al is in meer dan 87 landen stroom uit wind en zon voor de consument goedkoper dan stroom van fossiele centrales. Het is dus zinloos om de fossiele centrales de hand boven het hoofd te houden.
  • 9 Nederland loopt nu hopeloos achter in de energietransitie. We missen een enorme markt van hoogwaardige technologische dienstverlening en producten als we niet meegaan.
  • 10 Nederland wordt steeds afhankelijker van energie uit onbetrouwbaar buitenland. (Olie en gas) Ons eigen gas raakt binnen 20 jaar op. Een grotere onafhankelijkheid en zelfredzaamheid is zeer urgent.
  • Als de saldering wordt afgeschaft, zal de consument slimme wegen vinden om zijn eigen verbruik beter af te stemmen op de eigen productie, zodat een groter deel al direct vóór de meter gecompenseerd wordt. Bovendien zal de ontwikkeling van opslag in accu’s of in waterstof of andere energiedragers binnen 10 – 15 jaar zo goedkoop worden, dat de consument niet meer zo sterk van het net afhankelijk is. Afschaffing van de saldering zal dit sterk bevorderen en dus niet opnieuw belastinginkomsten opleveren.
  • Als saldering wordt afgeschaft zal Nederland zeer uit de pas lopen in vergelijking met omringende landen zowel als met de VS, Japan, Australië, China.
  • Na minister Kamp komt er hopelijk een minister die niet inzet op schaliegas, die inzet op energiebesparing in plaats van zo veel mogelijk gas verkopen, die grootverbruikers durft aan te pakken en die onze ambitie tot verduurzaming durft op te schroeven tot 100% in 2050. Kortom een minister die geeft om zijn kinderen en kleinkinderen. Henk_Kamp_2011_(1)

Invoering van een PV-Privé regeling voor uw werknemers

Naast investering in duurzame bedrijfsmiddelen, kunt u ook denken aan invoering van een PV-Privé regeling voor uw werknemers.
Een regeling waardoor uw werknemers in de gelegenheid worden gesteld zonnepanelen aan te schaffen ten behoeve van hun eigen woning.
En dat kan zowel voor u als ondernemer, als voor uw werknemers financieel voordeel betekenen.
Profiteer beiden optimaal van de PV Privé regeling

Duurzaam ondernemend, net als u

Het is een werkgever toegestaan om een geldlening te verstrekken aan de werknemer(s). Bij een geldlening in het kader van een PV-privé regeling kan de geldlening door de werknemer alleen worden gebruikt voor de aanschaf en aanleg van zonnepanelen op de eigen woning.
Uiteraard dient de geldlening door de werknemer te worden terugbetaald. Ook zal een (zakelijke) rente verschuldigd zijn. Beide bestanddelen kan de werknemer terugbetalen via periodieke inhoudingen op het salaris. Doordat de energierekening (en daardoor diens periodieke
energiekosten) van de werknemer daalt, behoeft per saldo bij de werknemer geen inkomensachteruitgang op te treden.

Rente

U kunt besluiten om geen rente in rekening te brengen. Dat ‘afzien van rente’ wordt dan als ‘loon in natura’ bij uw werknemer via diens salarisstrook belast. Wordt nog geen gebruik gemaakt van de werkkostenregeling, dan bedraagt het loon in natura 3% van de geldlening.
vb. Uw werknemer leent c 6.000 tegen 0%. Als loon in natura dient u op jaarbasis c 180 op de salarisstrook te vermelden. Bij een belastingtarief voor uw werknemer van (stel) 42%, is slechts € 75 loonheffing verschuldigd. Werkkostenregeling al ingevoerd? Ook dan is het PV-Privé project relatief eenvoudig in te
passen.

Voordelen werkgever

Naast het versterken van uw imago als ‘duurzaam’ ondernemer, kunt u het PV-Privé project ook benutten in een zgn. cafetariaregeling. Uw werknemer kiest dan bijv. voor een beloning in natura (geen rente op de geldlening) in ruil voor loon in geld (of het afzien van ATV-dagen).
Ook kan het PV Privé project worden gebruikt als alternatief voor een periodieke salarisverhoging. Zo’n salarisverhoging brengt voor u als werkgever namelijk meer lasten met zich mee dan het netto-voordeel dat de werknemer daarvan heeft. Denk daarbij aan de
werkgeverslasten, vakantiegeld, pensioenverplichtingen, etc. Uiteraard dient een en ander in overeenstemming te zijn met een eventueel van toepassing
zijnde CAO. Bij de PV privé regeling zijn diverse scenario’s mogelijk.

Verhuur van de installatie aan uw werknemer

In plaats van een aanschaf door uw werknemer uit een door u verstrekte geldlening, kunt u ook kiezen voor de variant waarbij uw onderneming de panelen aanschaft en vervolgens verhuurt aan uw werknemer met een koopplicht na enige jaren. U geniet ondernemersfaciliteiten ter zake van de aanschaf en uw werknemer kan de huur financieren uit de lagere energienota.